Psychoanalytisch Woordenboek

Schrik

  • Duits: Schreck
  • Engels: fright
  • Frans: effroi

‘Schrik benoemt [in tegenstelling tot vrees voor iets bepaalds en angst, HS] de toestand waarin men geraakt als men aan een gevaar blootstaat zonder erop voorbereid te zijn, en legt het accent op het element van verrassing’ (Freud, 1920g; 8: 170). Zie ook Fobie en ┬áTrauma”>Angst, Fobie en ┬áTrauma.

Literatuur

  • Freud, S. (1920g) ‘Aan gene zijde van het lustprincipe’, Werken 8: 162, 165-218.
Verder op psychoanalytischwoordenboek.nl: